Bedrijfswaardering: hoe de prijs van uw KMO ontstaat
Bedrijfswaardering: hoe de prijs van uw KMO ontstaat
Bedrijfswaardering: hoe de prijs van uw KMO ontstaat
Zes keer wat? De rekening achter een bedrijfswaardering
"Mijn boekhouder houdt het op vier keer de winst, een collega uit dezelfde sector verkocht vorig jaar aan acht keer. Wie heeft er gelijk?" Die vraag komt in bijna elk eerste gesprek terug, in een of andere vorm. Het antwoord is dat ze allebei een stuk van dezelfde berekening beschrijven. Een bedrijfswaardering van een Belgische KMO is in de praktijk een vermenigvuldiging, gevolgd door een reeks correcties die de eerste keer niemand ter sprake brengt. De vermenigvuldiging is genormaliseerde EBITDA maal een multiple. Volgens de M&A Monitor 2026 van Vlerick Business School, opgesteld met een panel van 158 Belgische overnamespecialisten, lag die multiple voor transacties in 2025 gemiddeld op 6,4 keer EBITDA, tegen 6,5 keer voor 2024.
Vier keer de winst en acht keer de winst kunnen dus beide correct zijn, voor twee bedrijven, in dezelfde week, met dezelfde adviseur. Wat het verschil maakt, staat in de inputs en niet in de formule. En het bedrag dat u overhoudt, ligt nog een stuk lager dan wat uit de vermenigvuldiging komt.
Omvang, sector en regio zetten de bandbreedte
Het gemiddelde zegt weinig over uw dossier, want de spreiding errond is groter dan het gemiddelde zelf. In de editie over transactiejaar 2024, opgesteld met een panel van 156 Belgische overnamespecialisten, gaven de deelnemers aan dat de EBITDA-multiple in 72% van de dossiers als waarderingsmethode werd gebruikt. Per dealgrootte zag dat er zo uit: onder 5.000.000 EUR ondernemingswaarde betaalde de markt gemiddeld 5,0 keer EBITDA. Tussen 5.000.000 en 20.000.000 EUR was dat 6,2 keer, en tussen 20.000.000 en 100.000.000 EUR 8,4 keer. Boven 100.000.000 EUR piekte de multiple op 10,5 keer EBITDA. Die trap verklaart het grootste deel van de verhalen die u op recepties hoort. Een bedrijf met 800.000 EUR EBITDA speelt structureel in een andere zone dan een bedrijf met 4.000.000 EUR EBITDA, en geen onderhandelingstechniek haalt dat verschil weg. Wie zijn bedrijf wil verkopen en wil weten wat het waard is, stelt dus eerst vast in welke zone hij of zij zit.
Daarbovenop weegt de regio. Voor 2024 rapporteerde het panel gemiddeld 6,9 keer EBITDA in Vlaanderen, 6,5 keer in Brussel en 6,0 keer in Wallonië. En de sector weegt nog zwaarder: voor transacties in 2024 rapporteerde de Monitor 9,1 keer voor technologie, 8,5 keer voor farmacie, 5,6 keer voor retail en 4,8 keer voor de bouw, terwijl de editie over transactiejaar 2025 technologie op 9,7 keer zet. Twee bedrijven met identieke cijfers en een verschillende NACE-code kijken naar een verschil van miljoenen.
Waarom twee kopers een andere prijs betalen
Wie er aan de andere kant van de tafel zit, verplaatst het cijfer even hard als uw resultatenrekening. Voor transacties in 2025 betaalden private-equityspelers gemiddeld 7,3 keer EBITDA en strategische kopers 6,2 keer. Dat is geen toeval en ook geen gebrek aan geld bij de industriële koper. Een fonds koopt een platform waarop het de komende jaren kleinere spelers wil aanhaken, en rekent de waarde van die toekomstige aankopen deels mee in wat het vandaag biedt. Een concurrent koopt uw klantenbestand en uw team, ziet overlap in de kosten, en rekent liever de synergie niet aan u uit. Welk profiel u het beste past, hangt af van wat u na de deal wil doen, en dat weegt door in de keuze tussen een strategische en een financiële koper.
De tweede factor is de kwaliteit van de EBITDA zelf. Een koper vermenigvuldigt geen boekhoudkundig resultaat, maar het resultaat zoals het eruitziet zonder uw eigen loon, zonder de huur die u aan uw patrimoniumvennootschap betaalt, zonder de eenmalige subsidie en zonder de wagen van uw kind. In onze dossiers beweegt die oefening de basis vaak met 10% tot 20%, in beide richtingen, en bepaalt ze daarmee meer dan de multiple. Hoe die correcties in Belgische dossiers concreet worden gemaakt, staat in ons stuk over EBITDA-normalisatie.
Daarnaast kijkt elke koper naar dezelfde vier risico's: hoeveel van uw omzet terugkeert zonder inspanning, hoe zwaar uw grootste klant weegt, of het bedrijf zonder u blijft draaien, en of de marge het gevolg is van een positie of van hard werken. In onze dossiers zien we dat klantenconcentratie boven 30% bijna altijd een halve multiple of meer kost.
Van ondernemingswaarde naar wat er op uw rekening komt
De multiple maal EBITDA levert de ondernemingswaarde op. Dat is niet het bedrag dat u ontvangt. Van die ondernemingswaarde gaat de nettoschuld af, en daarna volgt een correctie voor het werkkapitaal tegenover een genormaliseerd niveau dat in de onderhandeling wordt afgesproken. Een bedrijf met 6.000.000 EUR ondernemingswaarde, 1.200.000 EUR bankschuld en een werkkapitaal dat 400.000 EUR onder het afgesproken niveau ligt, komt uit op 4.400.000 EUR voor de aandelen. Die brug is waar het meeste geld stil verdwijnt, en het werkkapitaal is er de meest onderschatte hefboom in.
Er zit ook een plafond op de prijs dat niets met uw bedrijf te maken heeft: wat de bank van de koper wil financieren. Voor overnames in 2025 rapporteerde het Vlerick-panel een gemiddelde verhouding nettoschuld op EBITDA van 3,4 keer, tegenover 2,9 keer het jaar voordien. Een koper die 3,4 keer geleend krijgt en zelf 2 tot 3 keer eigen middelen inbrengt, komt tot ongeveer 6 keer. Vraagt u 8 keer, dan moet het verschil ergens anders vandaan komen, en dat is precies waarom instrumenten met uitstel zo vaak opduiken. In 43% van de dossiers van 2024 zat een vorm van verkoperskrediet, een recordaandeel, en in diezelfde logica duikt ook de earn-out op. Een hoger cijfer op de eerste pagina van het bod betekent dus vaak dat u een deel ervan zelf financiert.
Waarderingsmodellen: drie families, geen enkele waarheid
Wie een bedrijf wil verkopen, komt drie families van waarderingsmodellen tegen. Het Instituut van de Belastingadviseurs en de Accountants (ITAA) zet, samen met het Instituut van de Bedrijfsrevisoren (IBR), in hun gezamenlijke technische nota over de waardering van niet-beursgenoteerde aandelen naast elkaar: de rendementsbenadering, waarvan de discounted cash flow de bekendste vorm is, de marktbenadering met multiples van vergelijkbare bedrijven of transacties, en de kostenbenadering die vertrekt van de waarde van de activa min de schulden. Diezelfde nota van het ITAA en het IBR stelt uitdrukkelijk dat geen enkele methode geschikt is voor alle situaties, en dat de keuze afhangt van de eigenschappen van de vennootschap en van de beschikbare gegevens. Voor een waardering in het kader van de meerwaardebelasting gaat de nota ervan uit dat het werk gebeurt door een bedrijfsrevisor of een gecertificeerd accountant die niet de gebruikelijke beroepsbeoefenaar van de vennootschap is.
De waardebepaling van een bedrijf bij een overname vertrekt daarom zelden van één model. In de praktijk dient de discounted cash flow om te testen of de multiple verdedigbaar is, en de multiple om te testen of de prognoses geloofwaardig zijn. Een waardering van uw bedrijf online laten berekenen kost drie minuten en geeft u een bandbreedte die niemand aan de overkant van de tafel heeft gezien. Als startpunt voor uw eigen denkwerk is dat bruikbaar, als basis voor een prijs niet.
Deze hele logica veronderstelt bovendien dat er winst is om te vermenigvuldigen. Heeft uw bedrijf nog geen positieve EBITDA en haalt u kapitaal op bij investeerders, dan gelden andere methoden en een andere onderhandelingsdynamiek, en leest u beter ons artikel over startupwaardering in België.
Wat u zelf in de hand hebt
Aan de multiple van uw sector verandert u niets. Aan drie andere zaken wel, en in onze dossiers bepalen die samen makkelijk een verschil van 20% op de overnameprijs.
- De cijfers waarmee de koper begint zijn niet de uwe, maar de neergelegde cijfers: bij de Balanscentrale van de Nationale Bank, waar in 2025 593.323 jaarrekeningen werden neergelegd en gratis raadpleegbaar zijn, leest elke geïnteresseerde partij uw laatste drie boekjaren voor het eerste gesprek plaatsvindt.
- Wat u vandaag opruimt, hoeft u tijdens de due diligence niet te verdedigen, en wat u tijdens de due diligence moet verdedigen, wordt in de tweede ronde een prijsargument.
- Eén koper aan tafel bepaalt de prijs, twee geloofwaardige kopers laten de markt hem bepalen, en dat is de enige hefboom die u volledig zelf organiseert.
Dat laatste punt is de afgelopen tien jaar zwaarder gaan wegen. Van de Belgische transacties in 2025 sloot 49% af onder het initiële bod, tegenover 27% in 2015. Kopers heronderhandelen dus vaker en later. Een verkoopproces dat een tweede optie in reserve houdt tot het einde, is het verschil tussen een correctie die u accepteert en een correctie die u weigert.
De aanpak van dups
Wij bouwen een bedrijfswaardering altijd van onderaan op: eerst de genormaliseerde EBITDA lijn per lijn, dan de multiple onderbouwd met Belgische transacties in uw grootteklasse en sector, dan de volledige brug naar de aandelenprijs met nettoschuld en werkkapitaal erin. Dat rapport is een werkdocument. U verdedigt er elke aanname mee tegenover een koper en zijn adviseurs, en u ziet erin op welk punt u het gesprek beter stopt.
Dat rapport kan een opdracht op zich zijn, via Specialist Support, wanneer u alleen een verdedigbare waardebepaling en een financieel model nodig hebt voor een gesprek dat u zelf leidt. Het kan ook het eerste deel zijn van een volledig overnameproces onder Full Deal Execution, waarin dezelfde ploeg die de genormaliseerde EBITDA heeft opgebouwd ze later ook verdedigt tegenover de adviseurs van de koper.
De beslissing die vooraf komt, is niet aan wie u verkoopt maar of u met uw eigen cijfer naar de markt durft te stappen. Om dat te weten hebt u één gesprek nodig en uw laatste drie jaarrekeningen, en u hoort er meteen welke correcties een koper op uw EBITDA zal maken, wat ze kosten in multiple, en op welke schijf van de trap uw dossier vandaag uitkomt.
Veelgestelde vragen
Wat is mijn bedrijf waard?
Voor een Belgische KMO met winst begint het antwoord bij uw genormaliseerde EBITDA maal een multiple. Volgens de M&A Monitor van Vlerick Business School lag die multiple voor transacties in 2025 gemiddeld op 6,4 keer, en voor transactiejaar 2024 rapporteerde dezelfde Monitor 5,0 keer voor dossiers onder 5.000.000 EUR en 10,5 keer boven 100.000.000 EUR. Van dat bedrag gaan nog uw nettoschuld en een werkkapitaalcorrectie af.
Hoe kan ik de overnameprijs berekenen van een bedrijf?
Neem de genormaliseerde EBITDA, vermenigvuldig met een multiple uit vergelijkbare Belgische transacties in dezelfde grootteklasse en sector, en u hebt de ondernemingswaarde. Trek daar de nettoschuld af en corrigeer voor het verschil tussen het werkelijke en het afgesproken werkkapitaal. Wat overblijft is de prijs voor de aandelen, en dat cijfer ligt vrijwel altijd lager dan de eerste vermenigvuldiging.
Kan ik een bedrijfswaardering online laten berekenen?
U kan zo een bandbreedte krijgen, en als eerste ijkpunt is die nuttig. Wat een online tool niet doet, is de EBITDA normaliseren, uw klantenconcentratie inschatten, de brug naar de aandelenprijs maken of nagaan wat de bank van de koper wil financieren. Precies daar wordt de prijs bepaald, en daarvoor hebt u uw eigen cijfers en een gesprek nodig.
Louis Vanheurck de Tornaco, COO bij dups
Laten we samen jouw volgende deal bouwen
Jouw sparringpartner voor kapitaalrondes, overnames en exits. We brengen juridische en financiële expertise, de snelheid van een ondernemer en directe toegang tot het juiste kapitaal.

